Ons verhaal

Sofie Coronel

Het verhaal van mijn moeder begint in een eenvoudig boerengezin in de Gelderse Vallei. Dat van mijn vader in een door de oorlog getekend joods gezin. De ontworsteling van het katholieke meisje en de onafhankelijke inborst van de jongen versmelten op een carnavalsfeest. Het is eind jaren zestig. Hun eerste gezamenlijke doel: studeren en werken in Amerika.

Na thuiskomst uit de VS krijgen ze drie kinderen. Ik ben de middelste. Vrije school, kunstacademie, een studie antropologie. Schrijvend en lezend beland ik in de wereld van verhalen.

Verhalen van mensen zijn altijd de hoofdmoot van mijn werk. Na talloze interviews met uitgezonden militairen, ouderen, migranten, zorgverleners en patiënten weet ik hoe uniek ieders verhaal is. Luisterend naar wat mensen beleven, waaruit ze kracht putten en waardoor ze zich laten inspireren, hoor ik telkens weer hoe ieder van ons zijn eigen eigen verhaal maakt.

Brigitta van den Berg

Bij ons thuis was iedereen een vrouw, behalve mijn vader.  Twee honden, twee poezen, een konijn, hamsters, vier dochters en mijn moeder. Er was altijd iets om over of mee te praten. Als derde dochter had ik het voordeel mijn ouders niet zoveel verwachtingen meer hadden en mijn zussen de belangrijkste kwesties al met ze hadden uitgevochten. Nadeel was dat ik drie moeders had die met me meekeken en me becommentarieerden. Dat leerde me al vroeg mijn eigen gang te gaan en me van anderen maar niet teveel aan te trekken.

Wat ik later worden wilde, wist ik niet. Het enige wat ik zeker wist, was dat het bij moest dragen aan een betere wereld. Daar ben ik altijd vrij serieus in geweest. Het eerste singeltje dat ik rond mijn vijftiende kocht van mijn zakgeld was het liedje ‘The Russians’ van Sting. Het gaat over de waanzin van de koude oorlog.

Na mijn middelbare school ging ik een jaar op avontuur; ik leerde Italiaans, was au-pair en werkte op een kibbutz in Israel. Daarna koos ik voor politicologie. Toen mijn professor in het eerste hoorcollege vertelde dat hij vroeger elke dag wakker werd met de vraag of het kapitalisme of het socialisme gelijk had, wist ik dat ik goed zat. Aan de UvA  leerde ik kritisch naar de wereld te kijken, te analyseren en mijn eigen mening te vormen. Maar het meeste leerde ik tijdens zes maanden veldwerk in Burkina Faso, een van de armste landen in Afrika, maar waar ik zoveel vrolijkheid zag. En tijdens een zomer aan de Palestijnse Universiteit in Ramallah, waar mijn medestudenten bijna niet meer durfden te dromen over hun toekomst.

Daarna rolde ik het communicatievak in. Daar kwam alles bij elkaar; grote lijnen zien, analyseren, betogen, maar vooral verhalen verzamelen en doorvertellen. Na gewerkt te hebben als persvoorlichter, bestuursadviseur en communicatieadviseur wilde ik daarin mijn eigen weg gaan en begon ik voor mijzelf.